Energierenovatie: een op de twee Belgische verhuurders financiert werken met eigen middelen

Eigenaars-investeerders in België worden geconfronteerd met strengere reglementaire vereisten voor energierenovatie. Volgens de enquête ‘Sustainable Real Estate 2025’ zijn Belgische verhuurders sterk betrokken bij de energierenovatie van hun vastgoedactiva. Niet zozeer om duurzaamheidsredenen, maar eerder om hun vastgoedpatrimonium op te waarderen en hun concurrentievermogen op de huurmarkt te verbeteren.

De Sustainable Real Estate 20251-studie, uitgevoerd bij 2.300 volwassen Belgen van wie 300 verhuurders door Profacts, in samenwerking met BNP Paribas Fortis, wijst op een sterke betrokkenheid van de Belgische verhuurders bij de energierenovatie van hun vastgoedactiva. Zo heeft 95% van de verhuurders al acties ondernomen of gepland om het energieverbruik van hun eigendommen te optimaliseren. ​

Naast dat geaggregeerde percentage valt vooral de intensiteit van de betrokkenheid op: 46% van de verhuurders voert momenteel werken uit, tegenover slechts 31% bij eigenaars-bewoners. Een verschil van 15 procentpunten, wat wijst op een duidelijk grotere actiedruk in de verhuursector. Het steeds strengere regelgevend kader verplicht verhuurders tot het nemen van maatregelen.

De maatregelen die verhuurders het vaakst uitvoeren of plannen, zijn bedoeld om de algemene prestaties van hun gebouwen te optimaliseren:

• Dakisolatie (51% al gerealiseerd)

• Hoogwaardige beglazing (45%)

• Hoogrendementsketel (42%),

• Gevelisolatie (41%).

Verhuurders investeren ook in apparatuur voor actief energiebeheer zoals ventilatiesystemen (32% al geïnstalleerd), energiebeheer (33%) en zonnepanelen (32%). Dat wijst op een meer geïntegreerde aanpak van de prestaties van hun vastgoedportefeuille.

Rendabiliteit en conformiteit: de twee drijfveren van verhuurders

De drijfveren van verhuurders om te investeren in de duurzaamheid van hun eigendom verschilt aanzienlijk van die van eigenaars-bewoners. Boven aan het lijstje: de stijging van de patrimoniale waarde van het goed (55% van de verhuurders tegenover 39% bij de eigenaars-bewoners). Gevolgd door de verbetering van het EPB-certificaat (52%), de naleving van de wettelijke verplichtingen (48%) en de verhoging van de huur of huurwaarde (46%).

Die gegevens wijzen op een investeringslogica: renovatie wordt gezien als een middel om het patrimonium te op te waarderen, het concurrentievermogen op de huurmarkt te verbeteren en te voldoen aan de reglementaire vereisten. Hoewel er ook een milieudimensie is (35% noemt de vermindering van de klimaatimpact), blijft die een secundaire factor ten opzichte van de economische en wettelijke vereisten.

Financiering: banklening en eigen middelen bijna evenwaardig

De enquête bevestigt dat verhuurders aanzienlijk meer afhankelijk zijn van externe financiering dan eigenaars-bewoners, en dat de bank daarin al een centrale rol speelt. Bijna de helft van de verhuurders (49%) financiert energierenovaties met eigen middelen, 44% maakt gebruik van een banklening - een verschil van slechts 5 procentpunten. Ter vergelijking: bij de eigenaars-bewoners bedraagt het verschil tussen eigen vermogen (52%) en banklening (33%) 19 punten.

De overheidssubsidies en -premies vormen de derde financieringshefboom van verhuurders (39%), vóór hulp van familie (17%). Vaak worden meerdere bronnen tegelijk gebruikt, wat de complexiteit van de financiële constructies illustreert waarmee verhuurders te maken krijgen om hun renovatieplannen te concretiseren.

De Belgische verhuurders staan dus in de frontlinie van de energietransitie van het vastgoedpark en verwachten van hun bank een begeleiding die verder gaat dan het louter verstrekken van een renovatielening, legt Laurent Loncke, Head of Retail Banking bij BNP Paribas Fortis, uit. Daarom heeft BNP Paribas Fortis een volwaardig ecosysteem ontwikkeld om hen te ondersteunen in dit renovatietraject. Onze adviseurs helpen hen bij het opstellen van een coherent financieringsplan op basis van hun vermogens- en milieudoelstellingen, adviseren hen over de subsidies en premies waarop ze recht hebben, en begeleiden hen bij het begrijpen van de reglementaire verplichtingen die van toepassing zijn op hun woningen." ​

Reglementaire verplichtingen: verhuurders op de hoogte, maar er blijven dode hoeken

Een van de belangrijkste lessen uit de studie? Het kennisniveau van verhuurders over toekomstige wettelijke verplichtingen. Ook hier ligt dat hoger dan dat van eigenaars-bewoners. Maar er blijven hiaten bestaan, met potentieel dure gevolgen.

73% van de Vlaamse en 77% van de Brusselse verhuurders kennen de doelstelling van het verplichte EPB-certificaat voor het volledige woonpark tegen 2050 – tegenover respectievelijk 51% en 55% bij eigenaars-bewoners. Dat verschil van 20 tot 22 procentpunten bevestigt dat verhuurders de reglementaire evolutie van nabij volgen, wat overeenstemt met het feit dat ze die wettelijke verplichting als derde investeringsmotivatie aanhalen (48%).

Ook de precieze kennis van de EPB-waarde van hun woningen is aanzienlijk hoger bij verhuurders. In Vlaanderen kent 79% van hen de exacte waarde van minstens één van hun huurgoederen, tegenover slechts 41% van de eigenaars-bewoners voor hun hoofdverblijfplaats. In Brussel bedraagt dat verschil 34 punten (86% tegenover 52%) en in Wallonië 25 punten (62% tegenover 37%). Die cijfers illustreren een juridische realiteit: de vermelding van het EPB-certificaat is verplicht in advertenties en huurcontracten. Verhuurders moeten het dus grondig kennen.

Het standpunt van de huurders: meer proactiviteit

Tot slot werpt de enquête ook een blik op het standpunt van huurders over hun verhuurders: 64% van de huurders ervaart de houding van hun verhuurder tegenover duurzame investeringen als reactief – d.w.z. in functie van klachten of wettelijke verplichtingen. Slechts 10% beschrijft die houding als erg proactief.

Die externe blik is een signaal dat verhuurders niet kunnen negeren: in een huurmarkt waar energieprestaties een almaar belangrijker keuzecriterium worden voor kandidaat-huurders en waar minder performante woningen hun aantrekkelijkheid en huurwaarde dreigen te verliezen, wordt proactiviteit inzake duurzaamheid een echt concurrentievoordeel.

1 Over de studie: Sustainable Real Estate 2025 werd uitgevoerd door het marktonderzoeksbureau Profacts. Het gaat om een online kwantitatieve enquête (CAWI-methode, multicliëntensyndicaat), uitgevoerd van 7 november tot 10 december 2025 bij drie representatieve steekproeven van de Belgische volwassen bevolking van 25 jaar en ouder: eigenaars-bewoners (n = 1500), huurders (n = 500) en verhuurders (n = 300). De steekproeven werden gewogen op basis van leeftijd, geslacht en regio.

Persberichten in je mailbox

Door op "Inschrijven" te klikken, bevestig ik dat ik het Privacybeleid gelezen heb en ermee akkoord ga.

BNP Paribas Fortis (www.bnpparibasfortis.be) biedt in België een totaalpakket van financiële diensten aan particulieren, zelfstandigen, beoefenaars van vrije beroepen, ondernemingen en publieke instellingen. Op het gebied van verzekeringen werkt BNP Paribas Fortis nauw samen, als verbonden agent, met AG Insurance, leader op de Belgische markt. De bank verstrekt internationaal ook maatoplossingen aan vermogende particulieren, grote ondernemingen en publieke en financiële organisaties. Daarbij maakt zij gebruik van de knowhow en het wereldwijde netwerk van BNP Paribas.

 

BNP Paribas (www.bnpparibasfortis.be) is marktleider in bank- en financiële diensten in Europa. De bank is actief in 64 landen en telt bijna 178.000 werknemers, waarvan meer dan 144.000 in Europa. De groep bekleedt sleutelposities in haar drie kernactiviteiten: Commercial, Personal Banking & Services voor alle commerciële banken van de groep en verschillende gespecialiseerde metiers, zoals BNP Paribas Personal Finance en Arval; Investment & Protection Services voor spaar-, beleggings- en verzekeringsoplossingen; en Corporate & Institutional Banking, dat zich op bedrijfsklanten en institutionele klanten toelegt. Op basis van het sterk gediversifieerde en geïntegreerd businessmodel helpt BNP Paribas al zijn klanten (particulieren, verenigingen, ondernemers, kmo’s, grootzakelijke en institutionele klanten) bij het realiseren van projecten met oplossingen op het vlak van financiering, beleggingen, sparen en verzekeringsdekking. BNP Paribas heeft vier thuismarkten in Europa (België, Frankrijk, Italië en Luxemburg) en ontplooit zijn geïntegreerde commercialbankingmodel ook in het Middellandse Zeegebied, Turkije en Oost-Europa. Als belangrijke speler in het internationale bankwezen beschikt de groep over toonaangevende platforms en bedrijfstakken in Europa, een sterke aanwezigheid in Noord- en Zuid-Amerika en een solide en snelgroeiende activiteit in Azië-Pacific. BNP Paribas heeft duurzaamheid in al zijn activiteiten doorgevoerd, waardoor het bijdraagt aan de opbouw van een duurzame toekomst en tegelijk de prestaties en de stabiliteit van de groep garandeert.